Generatie 2

             2.1 Cornelis Willemsen With 1630 – 1708  ~  2.2 Maritghen Willemsdochter 1635 – 1672 ~ 2.3 Claas Willemsen With 1637 – <1699

Deze generatie werd geboren in het buurtschap Diemerbroek bij Oudewater en vestigde zich in Harmelen. Maritghen Willemsdochter (1.3) en haar man Jacob Jasperts betrokken daar omstreeks 1660 een boerenbedrijf, in het buurtschap Reijerscop Kreuningen. In het jaar 1672 brak er oorlog uit. De vijandelijke troepen zwierven moordend en plunderend over het platteland van Harmelen en de beide voorouders kwamen door oorlogsgeweld om het leven. Deze strijd vormde het begin van het einde van de gouden eeuw der Nederlanden. In de serie ‘Het verleden van Utrecht’ werd in scène gezet hoe het er in die rampzalige periode, in de naburige stad Woerden aan toeging. De film werd door RTV Utrecht uitgezonden op zaterdag 15 juni 2013:

In Harmelen werden veel boerderijen verwoest. Ook ‘t Huis tot Hermelen – het kasteel van de ambachtsheer – en de kerk werden geplunderd en in brand gestoken. Zodoende zijn de meeste bevolkingsgegevens die daar opgeslagen lagen, verloren gegaan. Pas na 1675 werd de kerkadministratie hervat. Wie kon was gevlucht en velen kwamen niet meer terug. Kinderen van Maritghen Willemsdochter en Jacob Jasperts hebben het overleefd en werden door haar oudste broer Cornelis Willemsen (1.1) en zijn vrouw Marrigje grootgebracht. Na de oorlog – omstreeks 1675 – vertrok Cornelis Willemsen uit Diemerbroek naar Reijerscop. Hij bouwde het bedrijf van zijn omgekomen zuster en zwager weer op en nam de bedrijfsvoering op zich. Ook zijn jongere broers Claas Willemsen (1.4) en Gijsbert Willemsen (1.5) pachtten er nabijgelegen verlaten boerenbedrijven. Daarnaast hadden ze nog minstens één landbouwbedrijf in Diemerbroek. De grond in Harmelen was minder drassig dan in Diemerbroek. De familie verbouwde en verhandelde daar behalve hennep ook andere landbouwproducten. Ze hadden hooiland en weiland met kalveren, pinken, vaarsen en zwarte en roodbonte koeien.

Prent van het kasteel in Harmelen, getekend door een onbekende kunstenaar omstreeks 1760. Dit kasteel werd in het rampjaar 1672 geruïneerd en daarna gerestaureerd door Ludolf de With, de eerste niet adelijke landheer van Harmelen. De gebroeders Willemsen (zonen van Martgen en Willem Claeszen) zaten samen met hem in het dorpsbestuur en gaan dezelfde achternaam dragen. Hun nageslacht woonde eeuwenlang in de buurt van kasteel Harmelen

Prent van het kasteel in Harmelen, getekend door een onbekende kunstenaar omstreeks 1760. Dit kasteel werd in het rampjaar 1672 geruïneerd en daarna gerestaureerd door Ludolf de With, de eerste niet adelijke landheer van Harmelen. De gebroeders Willemsen zaten samen met hem in het dorpsbestuur en gingen dezelfde achternaam dragen. Hun nageslacht woonde eeuwenlang in de buurt van het kasteel

Vanaf 1685 waren Cornelis en Claas Willemsen jarenlang schepen (wethouder) van Harmelen, niet gezamenlijk maar om en om. Schepenen, heemraden en kerkmeesters werden in dorpen uit boerenkring gerekruteerd. Door hun economische gebondenheid aan de grond had de boerenstand er belang bij om aan het plaatselijk bestuur deel te nemen. Invloedrijke families zorgden ervoor dat de benoemingen binnen hun groep bleven. En in deze hoedanigheid hebben de gebroeders Willemsen samengewerkt met Ludolf de With (±1630 – <1718), die als ambachtsheer van Harmelen de schepenen benoemde. Hij was procureur van het gerechtshof in Utrecht en had in 1681 het in het strijdgewoel geruïneerde kasteel Harmelen en alle landerijen die daarbij hoorden opgekocht. Daarmee werd hij de eerste niet adellijke eigenaar van Ridderhofstad Harmelen. In dezelfde periode gingen de gebroeders Willemsen officieel de achternaam With gebruiken. Wellicht gebeurde dit onder invloed van de nieuwe ambachtsheer.

Als hoogste gezagdrager van ambachtsheerlijkheid Harmelen woonde Ludolf de With regelmatige vergaderingen van het dorpsbestuur (de schepenbank) bij. Die had behalve een bestuurlijke functie ook de taak om recht te spreken in het dorp. Ze waren bevoegd om bepaalde misdrijven tot een zekere kapitaalwaarde te berechten en uitspraak te doen in civiele geschillen. Ook criminele zaken behoorden tot hun bevoegdheid, met uitzondering van die waarvoor lijfstraffen golden. De schepenbank formuleerden een vonnis onder leiding van de schout (de voorzitter). Als de schout afwezig was, werd die vervangen door de oudste schepen. Cornelis Willemsen With was nog in 1692 op 62 jarige leeftijd lid van de schepenbank van Harmelen en het is aannemelijk dat hij heeft opgetreden als vervangend schout (1).

Boerenbruiloft. Jan Steen, 1662

Boerenbruiloft. Jan Steen, 1662

2.1 Cornelis Willemsen With werd geboren in het buurtschap Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 23 maart 1630 en was een zoon van Willem Claeszen en Martgen Cornelisdochter (1). Hij  trouwde daar op 19 januari 1659 op 28 jarige leeftijd met zijn buurvrouw Marrichien Willemsdochter, met de roepnaam Marrigje.

Archief Woerden: Index trouwboek Michaelskerk Oudewater

Archief Woerden: Index trouwboek Michaelskerk Oudewater

Beide waren geboren en getogen in het buurtschap Diemerbroek, dat lag in het noordeinde van Papekop. Wellicht werd Marrigje Willemsdochter gedoopt in Oudewater op 30 april 1632 (het doopbewijs vermeld alleen de voornaam van vader Willem, zijn patroniem werd niet genoteerd) en was ze 26 jaar toen ze trouwde. Waarschijnlijk was ze een dochter van Willem Jacobsen en Marrichie Jacobsdochter en de oudere zus van Neeltje Willemsdochter (2.3). Toen ze ruim zestien jaar getrouwd waren vertrokken Cornelis en Marrigje uit Diemerbroek en vestigden zich in Harmelen. Ze huurden daar omstreeks 1675 een hofstede van dominee Cornelius Gontman uit Utrecht in het buurtschap Reijerscop Kreuningen, ter hoogte van het hedendaagse adres Groenendaal 3 in Harmelen. Ruim twintig jaar later aan het eind van het jaar 1696, nam Jacob Cornelissen de With (3.2) de pacht van deze huysinge en hofstede, groot 23 mergen’ over van zijn oom Cornelis. Die keerde met zijn vrouw terug naar Diemerbroek. Marrigje Willemsdochter stierf daar na 1700, ze werd minstens 68 jaar. Cornelis heeft zijn vrouw, zuster en broers overleefd en werd 78 jaar oud. Deze stamvader uit de gouden eeuw overleed aan het einde van dat tijdperk in het jaar 1708, te Diemerbroek. Hij werd begraven in de Michaelskerk. Zijn schoonzoon Jan Janszoon Verdouw (2.1.3) gaf opdracht te Oudewater op 27 oktober 1708: ‘Tot het begraven van het lijk van zijn schoonvader Cornelis Willems’. 

Kinderen:

2.1.1 Leendert Cornelissen de With, zoon van Marrigje Willemsdochter en Cornelis Willemsen With werd geboren in Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 9 februari 1661.

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Hij trouwde op 10 april 1692 in Harmelen met Merrichjen Jansdochter Verdouw, die ook Voordouw werd genoemd. Zij was een dochter van Neeltie (Aeltje) Cornelisdochter van der Croes en Jan Luijtens Verdouw en een zuster van Jan Janszoon Verdouw (2.1.3) en Jacob Janszoon Verdouw (2.3.8). Zie 3.1

2.1.2 Willem Cornelissen de With, zoon van Marrigje Willemsdochter en Cornelis Willemsen With werd waarschijnlijk geboren aan het begin van het jaar 1670 (voor 1 maart) in Diemerbroek. De doopgegevens van de Michaelskerk in Oudewater uit die periode zijn verloren gegaan. Omstreeks 1675 verhuisde hij met zijn ouders naar het buurtschap Reijerscop Kreuningen in Harmelen. Daar huwde hij op 11 december 1692 met Marrigje Reijersdochter Geestdorp. Ze werd omstreeks 1670 geboren en was een dochter van Marrigje Hendriksdochter Moen en Reijer Gijsbertsen Geestdorp uit het buurtschap Haanwijk in Harmelen. Willem en Marrigje vestigden zich op een boerenbedrijf in Harmelen en kregen elf kinderen. Bij de doop van hun dochter Geertje op 2 juni 1700 trad Marrigje Willemsdochter – de moeder van Willem – op als getuige. Geertje stierf jong evenals zes van haar broertjes en zusjes. Johanna en Meijntje Willemsdochter de Wit en Reijer en Gijsbert Willemsen de Wit huwden en kregen kinderen. Het is niet bekend wanneer hun ouders zijn overleden.

2.1.3 Willemijntje Cornelisdochter de With, roepnaam Willempje dochter van Marrigje Willemsdochter en Cornelis Willemsen With werd omstreeks 1675 geboren in het buurtschap Reijerscop Kreuningen, ter hoogte van het hedendaagse adres Groenendaal 3 in Harmelen. Ze groeide op bij familie in het buurtschap Diemerbroek, te Oudewater. Ze huwde daar op circa 25 jarige leeftijd op 7 maart 1700 met de 34 jarige Jan Janszoon Verdouw, die ook Voordouw werd genoemd. Hij was geboren in het buurtschap Lange Linschoten en werd gedoopt in Oudewater op 19 maart 1664 als zoon van Neeltie (Aeltje) Cornelisdochter van der Croes en Jan Luijtens Verdouw. Jan Janszoon Verdouw nam de leiding van het familiebedrijf in Diemerbroek over van zijn schoonvader Cornelis Willemsen With en overleed daar op 56 jarige leeftijd op 4 februari 1721. Willemijntje en hij kregen twee zonen, Cornelis en Jan Verdouw. Zoon Cornelis Jans Verdouw trouwde in 1737 met Geertruij Bastiaansdochter den Uijl. Hij kocht de hofstede en het land dat zijn voorouders hadden gepacht en zette het familiebedrijf in Diemerbroek voort. Zijn broer Jan Jans Verdouw was schepen van de stad Oudewater als afgevaardigde van het buurtschap Papekop en Diemerbroek. En diens dochter Willemijntje Verdouw huwde met haar achterneef Cornelis Jans de Wit (4.2.4).


2.2 Maritghen Willemsdochter werd geboren in het buurtschap Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 4 april 1635 en was een dochter van Willem Claeszen en Martgen Cornelisdochter (1). Ze trouwde omstreeks 1660 op 25 jarige leeftijd met Jacob Jasperts. Ze pachtten een boerenbedrijf in het buurtschap Reijerscop Kreuningen, ter hoogte van het hedendaagse adres Groenendaal 3 in Harmelen. Beide kwamen daar in het jaar 1672 om het leven, toen Harmelen zwaar werd getroffen door oorlogsgeweld. Maritghen en Jacob hadden meerdere jonge kinderen die het overleefden en deze weeskinderen werden door familie van Maritghen in Diemerbroek opgevangen. Wellicht waren ze daar al in veiligheid gebracht voorafgaande of tijdens de schermutselingen in Harmelen. Zij groeiden op als pleegkinderen van Maritghen’s oudste broer Cornelis Willemsen en zijn vrouw Marrigje. Slechts van één van die weeskinderen is de identiteit bekend. Waarschijnlijk zijn de anderen jong overleden.

Het behoort echter ook tot de mogelijkheden dat één of beide jongste kinderen van Cornelis Willemsen – Willem 2.1.2 en Willemijntje 2.1.3 die ongeveer tien jaar jonger waren dan zijn zoon Leendert 2.1.1 – weeskinderen van zijn zuster en zwager waren. Vooral wat betreft Willemijntje is het zeer twijfelachtig of de echtgenote van Cornelis Willemsen – Marrigje Willemsdochter – haar moeder was. Zij moet minstens 43 jaar zijn geweest toen Willemijntje ter wereld kwam en het kwam zelden voor dat vrouwen op die leeftijd nog levende gezonde kinderen baarden. Indien Willemijntje Cornelisdochter de With oorspronkelijk als een dochter van Maritghen Willemsdochter en Jacob Jasperts in Reijerscop Kreuningen ter wereld kwam, was ze een baby toen haar biologische ouders daar in het rampjaar 1672 om het leven kwamen.

Kind: 

2.2.1 Jacob Jacobsen, zoon van Maritghen Willemsdochter en Jacob Jasperts werd omstreeks 1665 geboren in het buurtschap Reijerscop Kreuningen, ter hoogte van het hedendaagse adres Groenendaal 3, in Harmelen. Later werd hij Jacob Cornelissen de With genoemd. Hij huwde in Harmelen met Machteld Roelen op 1 december 1689. Zie 3.2


2.3 Claas Willemsen With werd geboren in het buurtschap Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 26 april 1637 en was een zoon van Willem Claeszen en Martgen Cornelisdochter (1). Hij trouwde op 22 jarige leeftijd in de stad Oudewater op 7 maart 1660 met zijn 19 jarig buurmeisje Neeltgen Willemsdochter, met de roepnaam Neeltje. Ze was een dochter van Marrichie Jacobsdochter en Willem Jacobsen uit Diemerbroek en waarschijnlijk de jongere zuster van Marrigje – de schoonzus van Claas en de vrouw van zijn broer Cornelis (2.1). Neeltje werd gedoopt in Oudewater op 12 augustus 1640.

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Omstreeks 1675, toen Claas en Neeltje vijftien jaar getrouwd waren, zijn ze uit Diemerbroek vertrokken en hebben zich in Harmelen gevestigd. Ze pachtten daar een boerenhofstede op grondgebied ter hoogte van het hedendaagse adres Haanwijk 15. De gebouwen en het land waren van dezelfde eigenaar als die van broer Cornelis (2.1) in Reijerscop en het grensde aan elkaar. Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With zijn waarschijnlijk daar in Harmelen overleden voor 1699. De exacte data’s zijn niet bekend, want die gegevens zijn verloren gegaan.

Kinderen: 

2.3.1 Willempje  Claasdochter, dochter van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 13 april 1661. Zij overleed waarschijnlijk op jonge leeftijd.

2.3.2 Jannigje Claasdochter de With, dochter van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 24 augustus 1663. Ze trouwde op 28 jarige leeftijd in Woerden op 2 december 1691 met de 25 jarige Elbert Woutersz van der Veer. Hij werd gedoopt in Waarder op 25 april 1666, als zoon van Trijntje Elbertsdochter Spruijt en Wouter Jansz van der Veer. Jannigje en Elbert vestigden zich in Woerden en verhuisden na het jaar 1703 naar de polder Bekenes bij Waarder. Ze kregen minstens zes kinderen, drie overleden waarschijnlijk op jonge leeftijd. Trijntje en Neeltje Elbertsdochter van der Veer en Jacob Elbertsz van der Veer groeiden op en huwden. Het is niet bekend wanneer Jannigje Claasdochter de Wit overleed, ze werd ouder dan 40 jaar. Elbert Woutersz van der Veer werd 54 jaar oud en op 8 maart 1721 begraven in Bekenes.

2.3.3 Willem Claassen de With, zoon van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in Diemerbroek en gedoopt in Oudewater op 29 november 1665.

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Hij trouwde in Harmelen met Annigje Gerritsdochter Hoogendoorn op 22 september 1700. Zie 3.3 

2.3.4 Jacob Claassen de With, zoon van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in het buurtschap Diemerbroek/Papekop en gedoopt in Oudewater op 7 oktober 1667.

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Hij trouwde op 24 jarige leeftijd in Harmelen op 13 maart 1692 met de 26 jarige Ermpje Pietersdochter de Lange. Zij werd omstreeks 1665 geboren in Ruijgeweide onder Waarder als dochter van Niesje Willemsdochter en Pieter Cornelisz de Lange. Vijf maanden na het huwelijk van Ermpje en Jacob, op 28 augustus 1692 werd hun dochter Niesje gedoopt in Harmelen. Daarna vestigden ze zich op de boerderij van haar ouders in de polder Ruijgeweide. Dit gebied lag ten oosten van het buurtschap Diemerbroek, de belangrijkste woonkern was Driebrugge. Daar kregen Ermpje en Jacob nog twee dochters die waarschijnlijk jong overleden. Niesje Jacobsdochter de Wit groeide op en huwde in 1719. Of haar ouders toen nog leefden is niet bekend. 

2.3.5 Cornelia Claasdochter, dochter van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in Diemerbroek op gedoopt in Oudewater op 2 november 1670. Zij overleed waarschijnlijk op jonge leeftijd.

2.3.6 Cornelis Claassen de With, zoon van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in het buurtschap Diemerbroek/Papekop en gedoopt in Oudewater op 9 maart 1672.

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Archief Woerden: Index doopboek Michaelskerk Oudewater

Hij huwde in Harmelen met Willempje Jansdochter van Liesveld op 30 april 1699. Zie 3.4

2.3.7 Dirk Claassen de With, zoon van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd omstreeks 1675 geboren in Harmelen ter hoogte van het hedendaagse adres Haanwijk 15. Hij trouwde in Harmelen op 6 mei 1703 met Marrigje Dirksdochter Teeuw, ook genoemd Marijtje. Ze werd omstreeks 1680 geboren op een boerderij in de omgeving van Oudewater. Twee maanden na hun huwelijk op 29 juli 1703 werd zoon Dirk gedoopt in Harmelen. Daarna vestigden ze zich op de boerderij van Marrigjes ouders in het buurtschap Diemerbroek (in die periode Oudewaterschebroek genoemd) bij Oudewater. Daar werden nog vier kinderen geboren, twee stierven er op jonge leeftijd. Neeltje Dirksdochter de Wit en haar broers Jacob en Dirk Dirksz de Wit groeiden op en huwden.

Handtekeningen van Willem Claassen de With en de kinderen van Marrigje Dirksdochter Teeuw en Dirk Claasen de With onder de boedelscheiding van zijn overleden broer en hun vader. Bodegraven, 22 september 1730

Handtekeningen van Willem Claassen de With en de kinderen van Marrigje Dirksdochter Teeuw en Dirk Claasen de With onder de boedelscheiding van zijn overleden broer en hun vader. Bodegraven, 22 september 1730

Hun vader Dirk Claassen de With overleed in 1729 te Bodegraven, hij werd ongeveer 54 jaar oud. Marrigje Dirkdochter Teeuw leefde toen al niet meer. Waar en wanneer zij stierf is niet bekend. Bij het overlijden van hun vader waren de 24 jarige Jacob en de 21 jarige Neeltje de Wit wettelijk nog minderjarig. Daarom werden hun 25 jarige broer Dirk Dirksz de Wit en 63 jarige oom Willem Claassen de With (2.3.3) op 7 juni 1729 aangesteld als voogden, door de weeskamer (instantie die de belangen van wezen behartigde) van Bodegraven. Het jaar daarop – op 22 september 1730 toen Jacob wettelijk volwassen was en Neeltje ook omdat ze in de tussentijd trouwde met Jan Aartse de Groot – werd de erfenis van hun vader verdeeld. Ze hielden wat land in het district Papekop en Diemerbroek – waar ze vroeger gewoond hadden – gezamenlijk in eigendom en verkochten dat in 1739 (2).

2.3.8 Marrigje Claasdochter de With, dochter van Neeltje Willemsdochter en Claas Willemsen With werd geboren in Harmelen ter hoogte van het hedendaagse adres Haanwijk 15. Ze werd gedoopt op 13 mei 1680 in de gereformeerde kerk van Harmelen. Doopgetuige was haar tante Marrigje Willemsdochter, de vrouw van Cornelis Willemsen With (2.1) naar wie ze werd vernoemd. Marrigje Claasdochter de With huwde op 20 jarige leeftijd in Harmelen op 17 november 1700 met de 36 jarige Jacob Janszoon Verdouw, ook genoemd Voordouw. Jacob werd geboren in het buurtschap Lange Linschoten en gedoopt in Oudewater op 19 maart 1664 als zoon van Neeltie (Aeltje) Cornelisdochter van der Croes en Jan Luijtens Verdouw. Marrigje de With en Jacob Verdouw hebben zich na hun huwelijk in Woerden gevestigd. Ze kregen drie dochters en drie zonen die allemaal in Woerden gedoopt werden. Hun zoon Willem Jacobs Verdouw huwde met zijn nicht Margaretha Cornelisdochter Verdouw. Zij was een dochter van Niesje Pietersdochter Kraaijestein en Cornelis Jans Verdouw (2.1.3) uit Diemerbroek. Wanneer Marrigje Claasdochter de With stierf is niet bekend. Haar man Jacob Janszoon Verdouw overleed op 56 jarige leeftijd en werd begraven in Oudewater op 4 februari 1721.