Generatie D7

Marrigje Beijen 1777 – 1848 & Teunis Jans Bosch 1774 – 1849

Marrigje Beijen en Teunis Bosch leefden in een woelig tijdperk. Toen ze in hun tienerjaren waren brak op 14 juli 1789 de Franse revolutie uit, die verstrekkende en blijvende veranderingen in heel Europa teweegbracht. In de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd de Patriottenbeweging actief. Deze organisatie wilde de alleenheerschappij van stadhouder Willem V afschaffen. Een groot deel van de bevolking was het hiermee eens en er ontstond een burgeroorlog. De revolte werd genoemd naar de Bataven, een Germaanse stam die aan het begin van de jaartelling de Nederlanden bewoonden. Op 19 januari 1795 – toen Marrigje 17 was en Teunis 20 – werd met steun van het Franse leger de Bataafse Republiek uitgeroepen. De dag daarvoor was de stadhouder naar Engeland gevlucht. Veel van de ideeën uit de Franse revolutie – zoals scheiding van kerk en staat, opheffing van de standen en afschaffing van de horigheid – werden ook hier verwezenlijkt. En toen Holland in 1810 bij Frankrijk werd ingelijfd werkte Napoleon de bestuurlijke vernieuwingen verder uit en stelde de gemeentelijke burgerlijke stand in. Bij keizerlijk decreet werd bepaald dat iedere inwoner verplicht was zich daar te registreren en een achternaam te kiezen. Kinderen dienden de naam van de vader te krijgen. Teunis en de meeste van zijn familieleden kozen voor een naam in moderne spelling en lieten hun kinderen met de achternaam BOS inschrijven. Daarom staat in de genealogie vanaf 1810 de achternaam van het nageslacht van Marrigje en Teunis op die manier gespeld.

Tegel uit de voormalige boerenwoning van de familie Bos aan Noord IJsseldijk 41 in IJsselstein, met de afbeelding van koning Willem I. Deze tegel is onderdeel van een serie, die er met de sloop van het pand in 1973 uit werd gehaald. Het is van de hand van meester schilder Abraham van Griethuizen (1751 – 1843). De hele serie werd in 2006 door het veilinghuis Christie te Londen geveild (1).

Tegeltableau uit de voormalige boerenwoning van de familie Bos aan Noord IJsseldijk 41 in IJsselstein, met de afbeelding van koning Willem I. Deze wandtegels zijn onderdeel van een serie, die er met de sloop van het pand in 1973 uit werden verwijderd. Ze zijn van de hand van meester schilder Abraham van Griethuizen (1751 – 1843). De hele serie werd in 2006 door het veilinghuis Christie te Londen geveild (1).

In 1813 werd Napoleon verslagen en deed hij afstand van de troon. Dat jaar keerde prins Willem Frederik van Oranje Nassau (1772 – 1843, zoon van stadhouder Willem V) terug naar Holland. De voormalige Oostenrijkse Nederlanden (het huidige België) en het grondgebied van de oude Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werden samengevoegd om als buffer tegen het verslagen Frankrijk te dienen. En op 6 maart 1815 riep prins Willem Frederik zichzelf uit tot koning Willem I der Nederlanden. Hij handhaafde de bestuurlijke hervormingen uit de Franse tijd. Ook de initiatieven die door Napoleon waren genomen rond de verbetering van de infrastructuur, de waterwegen en het overdragen van kerkgebouwen aan religieuze groepen, werden door Koning Willem I voortgezet. Hij maakte werk van de invoering van het metrieke stelsel en wilde van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden een moderne en verlichte eenheidsstaat maken.

Maar de Belgische rooms katholieke geestelijkheid had niet veel op met deze nieuwerwetse protestantse vorst. De staatscontrole op de priesteropleidingen viel niet in goede aarde. En toen in Vlaanderen het Nederlands als officiële taal werd ingevoerd, stuitte dat op groot verzet van de verfranste burgerij. Doch de verplichting om mee te moeten betalen aan de enorme staatsschuld van het Noorden, wekte de meeste weerstand op. In 1830 kwamen de Belgen in opstand. Willem I stuurde het leger erop af, maar dat mocht niet baten. De Fransen zetten troepen in om de intussen ingezworen koning Leopold te helpen en België verklaarde zich onafhankelijk. Willem I wilde zich er niet bij neerleggen. Hij hield nog negen jaar een leger op de been, tot de staat aan de rand van bankroet stond. Pas in 1839 erkende hij eindelijk de Belgische onafhankelijkheid. En het jaar erop deed Willem I gedesillusioneerd afstand van de troon.

Dit alles gebeurde tijdens het leven van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch. En die ontwikkelingen beïnvloedden ook het bestaan van hun kinderen en kleinkinderen. Want Willem I liet een lege staatskas achter. Zijn beleid was gericht geweest op de industrialisatie van België, dat zich na de onafhankelijkheid in snel tempo ontwikkelde tot het meest geïndustrialiseerde land in Europa. Ze hadden daardoor een forse technische en economische voorsprong op de Noordelijke Nederlanden, waar de industrie pas langzaam op gang kwam in de tweede helft van de 19e eeuw.

D7 Teunis Jans Bosch, zoon van Marrigje Jansdochter Bosch en Jan Teunisz Bosch (D6) werd op 9 januari 1774 geboren in Vreeswijk. Zijn ouders huurden er een boerderij aan de Wiersdijk, bij landgoed de Wiers. Toen hij 14 was verhuisden ze naar het Boveneind van Lopik, waar een akkerbouwbedrijf werd gekocht. Dit buurtschap grensde aan het dorp Benschop in de voormalige baronie van IJsselstein. Daar trouwde Teunis op 26 jarige leeftijd op 19 maart van het jaar 1800 met de 22 jarige Marrigje Beijen, ook genoemd Merrigje en Mergje. Ze werd gedoopt in Benschop op 6 juli 1777 en was een dochter van Jan Thomas Beijen en Jannigje Maartensdochter van den Bosch, die een jaar voor Marrigje trouwde was overleden. Haar moeder werd een eeuw later nog steeds vernoemd. In elke generatie hierna kwam er een meisje ter wereld dat de naam ‘Jannigje Bosch of Bos’ kreeg. De laatste twee werden in 1906 en 1927 op de foto gezet.

Jannigje Maartendochter van den Bosch was een zus van Mathijs Maartens van den Bosch de schoonzoon van Abraham Willemsen de Wit (3.3.7). In 1809 trouwde haar dochter Lijsje Beijen met Johannes Jans Bosch (D6.10), de jongste broer van Teunis. En in 1811 huwde zoon Gerrit Beijen met Teunis nicht Cornelia Oskam (D6.3). De achtergrond van de familie Beijen uit Benschop staat op:

http://www.beijen.net/jant3.htm#slot

Marrigje Beijen en Teunis Bosch huurden een boerderij van haar vader aan de Zuidzijde van de Oude Rijn in Bodegraven. Daar werden vier kinderen geboren, één baby overleed voor ze een week oud was. En toen Marrigje en Teunis zes jaar getrouwd waren verhuisden ze met drie kleine kinderen naar de boerderij in Lopik, waar hij was geboren.

Waarborg voor sociale zorg aan de 5 jarige Jannigje, de 1½ jarige Jan-Teunis en de 6 maanden oude Marrigje Bosch, uitgegeven in Bodegraven op 29 april 1806. In tijden van grote armoede en hongersnood kon men rekenen op steun. Zowel de gereformeerde als de katholieke kerken hadden een eigen fonds, waaruit voedsel en kleding werd verstrekt. Deze ondersteuning gold echter alleen voor de eigen achterban. Mensen die van elders kwamen, diende een verklaring te overleggen. In dit geval stelde de gereformeerde kerkenraad zich garant voor de kinderen van hun gemeente leden Marrigje Beijen en Teunis Bosch. Mochten ze tot armoede vervallen en moest men deze kinderen in Lopik bijstand verlenen, dan kon daarvoor een rekening ingediend worden bij de diaconie van Bodegraven (2).

Waarborg voor sociale zorg aan de 5 jarige Jannigje, de 1½ jarige Jan-Teunis en de 6 maanden oude Marrigje Bosch, uitgegeven in Bodegraven op 29 april 1806. In tijden van grote armoede en hongersnood kon men rekenen op steun. Zowel de gereformeerde als de katholieke kerken hadden een eigen fonds, waaruit voedsel en kleding werd verstrekt. Deze ondersteuning gold echter alleen voor de eigen achterban. Mensen die van elders kwamen, dienden een verklaring te overleggen. In dit geval stelde de gereformeerde kerkenraad zich garant voor de kinderen van hun gemeente leden Marrigje Beijen en Teunis Bosch. Mochten ze tot armoede vervallen en moest men deze kinderen in Lopik bijstand verlenen, dan kon daarvoor een rekening ingediend worden bij de diaconie van Bodegraven (2).

Eind oktober 1805 overleed Teunis moeder Marrigje Jansdochter Bosch. In haar testament had ze aangegeven dat ze graag wilde dat één van haar zonen haar boerderij en landerijen zou overnemen (3). Dat verzoek was bij de verdeling van de erfenis door de boedelbeheerders in volgorde van ouderdom aan ze voorgelegd en Teunis (de tweede zoon) kocht het bedrijf voor de boedelwaarde. Hij leende daarvoor ongeveer 4000 gulden (koopkracht waarde circa € 40.000) van zijn schoonvader Jan Thomas Beijen. Deze lening werd verrekend met de erfenis van Marrigje Beijen. Haar vader overleed op 84 jarige leeftijd in het jaar 1827. Het jaar daarvoor waren er aquarellen gemaakt waarop hij, zijn vrouw en hun nageslacht op symbolische wijze stonden uitgebeeld in de vorm van een boom. Al zijn kinderen erfden zo’n aquarel, Marrigje kreeg prent G:

http://www.beijen.net/jantb.htm

Daarnaast erfde Marrigje Beijen van haar vader nog 8 hectare weidegrond en hooiland in het Boveneind van Lopik, waar de boerderij en landerijen van haar en Teunis Bosch gelegen waren. En ze kreeg een hofstede met 20 hectare grond in de polder Bloemendaal bij Gouda. Het onroerend goed dat ze ontving had een totale waarde van 9200 gulden (koopkrachtwaarde € 95.000) en ze moest 3777 gulden (€ 40.000) bijbetalen, vanwege openstaande leningen (4).

In Lopik kregen Marrigje en Teunis nog tien kinderen. Eén meisje en vier jongens groeiden op samen met de drie kinderen die in Bodegraven geboren waren en huwden. Marrigje Beijen overleed op vrijdag 28 april 1848 in Lopik, ze werd 70 jaar oud. Haar weduwnaar Teunis Jans Bosch stierf daar acht maanden later op vrijdag 5 januari 1849, vier dagen voor zijn 75ste verjaardag. Marrigje en Teunis waren zeer kapitaalkrachtig. Hun nalatenschap bevatte onder meer drie boerderijen gelegen ‘Boven het dorp (in het Boveneind)’ van Lopik. Dit buurtschap bevond zich tussen Lopik en Lopikerkapel en lag aan de hedendaagse Lopikerweg Oost te Lopik.

Kinderen:

D7.1 Jannigje Bosch, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 20 oktober 1800 gedoopt in Bodegraven. Ze werd vernoemd naar haar grootmoeder Jannigje Maartensdochter van den Bosch. Toen Jannigje 5 was verhuisden ze naar de Lopikerweg Oost in Lopik, waar ze opgroeide. Ze trouwde op 20 jarige leeftijd te Lopik op 12 oktober 1821 met de 23 jarige Cornelis Jacobs Spelt. Hij werd op 14 mei 1797 geboren in de polder Oudenrijn (een buurtschap tussen de Meern en Utrecht) als zoon van Adriana Andriesdochter van der Heeden een oudere zus van Jannigjes tante Maria Andriesdochter van der Heeden (D6.2) en van Jacob Cornelisz Spelt, een neef van Wijntje Spelt de tweede vrouw van Marcelis van Bemmel (B6). De ouders van Cornelis hadden een boerenbedrijf aan de Voordorpsedijk in het dorp Blauwkapel, dat toentertijd bij Maartensdijk hoorde. Het bruidspaar vestigde zich op een nabijgelegen boerderij aan de Voordorpsedijk. Daar werden vijftien kinderen geboren en elf van hen bereikten de volwassen leeftijd. Jacobus, Adriana, Maria, Janna, Cornelis en Jannigje Spelt huwden in Maartensdijk.

Herfstfoto van de Lopikerweg Oost, die van Lopik naar Lopikerkapel loopt. Rechts stroomt de Enge IJssel. Het land van de boerderijen ter linkerzijde grensde vroeger aan Benschop. Jan en Teunis Spelt hadden elk ook een perceel grond tegenover hun hofstede, wat ze verpachtten. Deze stukken land lagen aan de andere kant van de Enge IJssel tussen Grave en Jaarsveld (5).

Herfstfoto van de Lopikerweg Oost, die van Lopik naar Lopikerkapel loopt. Rechts stroomt de Enge IJssel. De boerderijen van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch lagen ter linkerzijde en de landerijen grensden aan Benschop. Hun kleinzonen Teunis en Jan Spelt hadden elk ook een perceel grond tegenover hun hofstede, wat ze verpachtten. Deze stukken land lagen aan de rechterkant van de Enge IJssel tussen Grave en Jaarsveld (5).

De ouders van Jannigje Bosch bezaten meerdere boerderijen aan de Lopikerweg Oost in Lopik toen ze overleden. Omstreeks 1850 erfde Jannigje twee hofsteden van hen, één daarvan was haar ouderlijk huis. De andere heette de Paulushoeve (5) en stond ter hoogte van Lopikerweg Oost 99, daarbij hoorde iets minder land. En in 1855 verhuisden de 58 jarige Cornelis Spelt en de 54 jarige Jannigje Bosch naar Lopik en betrokken met hun vijf jongste kinderen de boerderij waar haar ouders en grootouders gewoond hadden. Het was een akkerbouwbedrijf en ze maakten er ook kaas en boter.

Hun zoon Teunis Spelt trouwde in 1860 met zijn achternicht Cornelia de Gier, een kleindochter van Annigje Jansdochter Bosch (D6.3). Ze vestigden zich op de Paulushoeve. Pieter Spelt trouwde in 1862 te Lopik met zijn buurmeisje Aafje de Gier – een achternicht van Cornelia – en zette samen met haar het boerenbedrijf van haar ouders voort. Cornelia Spelt huwde in 1865 te Lopik met haar achterneef Teunis van der Heeden, een kleinzoon van haar oudtante Janna Beijen. Ze vestigden zich op de boerderij van zijn ouders aan de Mijzijde in Kamerik. Haar zus Marrigje Spelt trad een maand later in het huwelijk met Hendrikus Veen. Zij hadden een boerderij in Lopikerkapel. En de jongste zoon Jan Spelt trouwde in 1869 te Lopik met zijn buurmeisje Marrigje Annigje de Gier, een zus van Aafje. Zij trok bij hem en zijn ouders in en ze hebben samen dat boerenbedrijf gecontinueerd.

Zeven jaar daarna, in 1876 verkocht Jannigje Bosch haar boerderijen met opstallen en land aan de Lopikerweg Oost aan haar zoons Teunis en Jan Spelt (6). Een jaar later stierf ze op de boerderij van haar zoon Jan op maandag 24 december 1877, ze werd 77 jaar. Haar weduwnaar Cornelis Jacobs Spelt overleed er tien jaar later op zondag 9 oktober 1887, hij werd 90 jaar oud.

D7.2 Marrigje Bosch, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 7 december 1801 geboren in Bodegraven en ze overleed daar voor november 1805.

D7.3 Jan-Teunis Bosch, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 25 oktober 1804 geboren in Bodegraven. Toen hij 1½ jaar was verhuisden ze naar de Lopikerweg Oost in Lopik, waar hij opgroeide. Deze buurt grensde aan het dorp Benschop en daar trouwde Jan-Teunis op 27 jarige leeftijd op 31 augustus 1832 met de 26 jarige Grietje Kasteleijn. Zij was er op 20 december 1805 geboren als dochter van Willem Jans Kasteleijn en Neeltje Andriesdochter van der Heeden. Grietjes moeder was een zus van Jan-Teunis tante Maria Andriesdochter van der Heeden (D6.2) en van Adriana Andriesdochter van der Heeden de schoonmoeder van Jannigje (D7.1) en Marrigje Bosch (D7.4).

Grietje Kasteleijn en Jan-Teunis Bosch vestigden zich net als zijn zussen Jannigje en Marrigje Bosch in Maartensdijk. Waarschijnlijk hadden zij daar ook een boerenbedrijf. Ze kregen vier kinderen en één jongetje overleed op 2 jarige leeftijd. Teunis, Neeltje en Marrigje Bos groeiden op in Maartensdijk en huwden. Jan-Teunis Bosch overleed op 77 jarig leeftijd in Maartensdijk op zondag 5 maart 1882. Grietje Kasteleijn overleed er zes dagen later op zaterdag 11 maart 1882, ze werd 76 jaar oud.

D7.4 Marrigje Bosch, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 24 november 1805 geboren in Bodegraven en toen ze een half jaar oud was verhuisden ze naar de Lopikerweg Oost in Lopik waar Marrigje opgroeide. Ze trouwde op 25 leeftijd te Lopik op 17 maart 1831 met de 26 jarige Pieter Jacobs Spelt, een jongere broer van Cornelis Jacobs Spelt (D7.1) en een neef van Grietje Kasteleijn de vrouw van Jan-Teunis Bosch (D7.3). Pieter was een zoon van Adriana Andriesdochter van der Heeden een oudere zus van Marrigjes tante Maria Andriesdochter van der Heeden (D6.2) en van Jacob Cornelisz Spelt, een neef van Wijntje Spelt de tweede vrouw van Marcelis van Bemmel (B6).

Gezicht vanaf de Voordorpsedijk op Blauwkapel. Anonieme tekening, circa 1800.

Gezicht vanaf de Voordorpsedijk op Blauwkapel. Anonieme tekening, circa 1800.

Pieter Spelt werd op 9 mei 1804 geboren aan de Voordorpsedijk in het dorp Blauwkapel, wat bij Maartensdijk hoorde. Tegenwoordig is het een onderdeel van de gemeente Utrecht. De ouders van Pieter hadden er een boerderij. Marrigje en hij vestigden zich daar en hebben dat boerenbedrijf voortgezet. Ze kregen dertien kinderen, waarvan er twee op jonge leeftijd overleden. Teunis Pieters Spelt werd 81, Jan Pieters Spelt werd 75, Marrigje Pietersdochter Spelt werd 50, Cornelis Pieters Spelt werd 55 en Willem Pieters Spelt werd 82 jaar oud en ze bleven alle vijf ongehuwd. Jacobus Pieters Spelt, Adriana, Janna en de tweeling Maria en Jannigje Pietersdochter Spelt trouwden wel en kregen waarschijnlijk geen kinderen. Alleen Pieter Pieters Spelt kreeg een zoon, die ook Pieter werd genoemd. Hun vader een grootvader Pieter Jacobs Spelt stierf zondag 30 oktober 1859 op zijn boerderij aan de Voordorpsedijk in Blauwkapel onder Maartensdijk, hij werd 55 jaar. Zijn weduwe Marrigje Bosch overleed er een jaar later op donderdag 25 oktober 1860, zij werd 54 jaar oud.

D7.5 Janna Bosch, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 20 oktober 1807 geboren aan de Lopikerweg Oost in Lopik, waar haar ouders een akkerbouwbedrijf hadden. Ze werd op 25 oktober 1807 gedoopt in de gereformeerde kerk van Lopik. Doopgetuige was haar tante Janna Beijen, naar wie ze vernoemd werd. Janna trouwde daar op 22 jarige leeftijd op 17 maart 1830 met de 24 jarige Jan van Schieveen. Hij werd geboren in het naburige dorp Benschop op 28 september 1805 en was een zoon van Annigje Jansdochter Blom en Paulus Cornelisz van Schieveen. Janna en Jan woonden op de boerderij van haar ouders in Lopik. Daar werd in het jaar 1831 een dochter geboren, die nog geen maand leefde. In 1832 vestigden Janna en Jan zich in Harmelen waar twee jongens geboren werden, één overleed daar toen hij een jaar was. Omstreeks het jaar 1836 verhuisden ze naar Willeskop, bij Montfoort. Daar werden nog vijf kinderen geboren, van wie er drie de volwassen leeftijd bereikten.

Om en nabij het jaar 1850 betrokken ze een boerderij aan de Lopikerweg Oost in Lopik, die Janna Bosch van haar ouders erfde. Dat was niet Janna’s ouderlijk huis, die hofstede ging naar haar oudste zus Jannigje Bosch (D7.1). Drie jaar daarna overleed Jan van Schieveen op de boerderij in Lopik op zaterdag 29 januari 1853, hij werd maar 47 jaar. Zijn zoon Teunis van Schieveen die geboren was in Harmelen, trouwde in 1861 met Adriana Wilhelmina Jonkers en vestigde zich in Gouderak. Diens zus Janna van Schieveen huwde in 1867 te Lopik met haar achterneef Pieter Lekkerkerker, een kleinzoon van haar oudtante Anna Maria Beijen. Ze gingen in Benschop wonen. Mergje van Schieveen trouwden in 1870 met Pieter de Groot en zij vestigden zich op een nabijgelegen hoeve aan de Lopikerweg Oost in Lopik. Hun moeder Janna Bosch werd 75 jaar en overleed zaterdag 25 augustus 1883 op de boerderij in Lopik. Ze woonde samen met haar jongste zoon, de 44 jarige Paulus van Schieveen die haar boerenbedrijf erfde. Hij huwde niet en stierf daar op 67 jarige leeftijd in 1906. Paulus vermaakte de boerderij aan de Lopikweg Oost te Lopik aan zijn broer Teunis van Schieveen (7).

 D7.6 Willem Bosch, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 2 november 1808 geboren aan de Lopikerweg Oost in Lopik, waar zijn ouders een akkerbouwbedrijf hadden. Hij werd op 19 november 1808 gedoopt in de gereformeerde kerk van Lopik. Doopgetuige was zijn tante Willempje Beijen. Willem trouwde op 20 jarige leeftijd in Benschop op 18 juni 1829 met de 26 jarige Niesje van der Vlist. Ze werd op 31 maart 1803 geboren in Benschop en was een dochter van Adriana Dirksdochter de Beeld en Ernst Joostz van der Vlist. Niesje en Willem gingen in Benschop wonen en hadden er een akkerbouw bedrijf. Daar werd enkele maanden later hun dochter Adriana Bos geboren. Zij was waarschijnlijk hun enige kind en huwde in 1851 met landbouwer Jan Maaijen. Ze kregen vijf kinderen en bewoonden vanaf 1881 landhuis Zeldenrust in Benschop.

De grond waarop dit landhuis stond werd in 1840 aangekocht door een neef van Willem Bosch, Jan Bosch de enige zoon van Jan Jans Bosch (D6.2). Willems vrouw, Niesje van der Vlist overleed dinsdag 8 januari 1867 op hun boerderij in Benschop, ze werd 63 jaar. En Willem Bosch zelf stierf daar een half jaar later op woensdag 24 juli 1867, hij werd 58 jaar oud.

D7.7 Jan-Thomas Bos, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 11 november 1810 geboren aan de Lopikerweg Oost in Lopik, waar zijn ouders een akkerbouwbedrijf hadden. Hij werd op 19 november 1810 gedoopt in de gereformeerde kerk van Lopik. Doopgetuige was zijn tante Anna Maria Beijen. Hij werd vernoemd naar zijn grootvader Jan Thomas Beijen die toen 67 jaar was en wellicht met de rest van de familie in de kerk aanwezig was, toen er een naamgenoot van hem werd gedoopt. Zie verder D8

D7.8 Teunis Bos, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 16 september 1812 geboren in Lopik. Hij overleed daar voor hij twee maanden oud was op 4 november 1812.

D7.9 Teunis Bos, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 18 januari 1814 geboren aan de Lopikerweg Oost in Lopik, waar zijn ouders een akkerbouwbedrijf hadden. Hij trouwde op 29 jarige leeftijd op vrijdag 18 augustus 1843 in Benschop met de 20 jarige Grietje Snoek. Ze werd geboren in Stolwijk op 1 november 1822 en was een dochter van Celia Jansdochter Kloot en Cornelis Pieters Snoek, die in Benschop een boerenbedrijf hadden. Ruim drie maanden later werd daar hun oudste dochter Marrigje Bos geboren. Daarna verhuisde het gezin naar Kamerik, waar dochter Celia werd geboren in 1849. Omstreeks 1850 huurde Teunis Bos boerderij ’t Klaverblad aan de Noordzijde van de Oude Rijn tussen Bodegraven en Nieuwerbrug (8). De boerderij was nieuw gebouwd en stond aan het hedendaagse adres Weijland 17. Het gezin verhuisde daarheen en ze hadden er een veehouderij.

Foto uit 1967 van de boerderij in Nieuwerbrug die Teunis Bos in 1855 kocht en de naam ‘Veelust’ gaf. Aan het eind van de 19e eeuw noemden zijn opvolgers de hofstede ‘Waarborg’. Deze hoeve met rieten wolfdak is een rijksmonument en werd volgens de gevelsteen gebouwd in 1791.

Foto uit 1967 van de boerderij in Nieuwerbrug die Teunis Bos in 1855 kocht en de naam ‘Veelust’ gaf. Aan het eind van de 19e eeuw noemden zijn opvolgers de hofstede ‘de Waarborg’. Deze hoeve met rieten wolfdak is een rijksmonument en werd volgens de gevelsteen gebouwd in 1791.

Vijf jaar later, in 1855 kocht Teunis Bos de boerderij ernaast met het hedendaagse adres Weijland 9. Hij gaf die hoeve de naam ‘Veelust’ en het gezin ging daar wonen, terwijl ook de pachtboerderij aangehouden werd. Grietje en Teunis kregen nog zes kinderen. Drie van hen overleden op jonge leeftijd en twee jongens en een meisje groeiden op langs de Rijn bij het dorp Nieuwerbrug in de gemeente Bodegraven, samen met hun twee oudere zussen.

Dochter Marrigje Bos trouwde in 1863 met Gijsbert de Kruijf. Ze woonden en werkten op pachtboerderij ‘t Klaverblad, die naast Marrigjes ouderlijk huis lag. In 1868 vestigden ze zich op een nieuwe boerderij in Zegveld, die gebouwd was door Gijsberts familie in de buurt van de boerderij waar hij geboren werd. Zoon Teunis Bos junior trouwde in 1877 met Magcheltje van Dommelen. Ze woonden eerst in de Meije bij Zegveld en in 1880 vestigden zij zich op huurboerderij ‘t Klaverblad naast zijn ouderlijk huis. Teunis was behalve boer ook schipper. Hij had een veerdienst voor vrachtvervoer van Zegveld en Nieuwerbrug over de Rijn naar Leiden en Utrecht en andersom. Hij overleed in 1892 en zijn weduwe zette het boerenbedrijf en de veerdienst voort.

Dochter Celia Bos trouwde in 1872 met Hendrik Middelkoop. Ze kregen geen kinderen en vertrokken in 1892 naar Westfalen in Duitsland, waar ze overleden. Dirkje – de jongste dochter van Grietje Snoek en Teunis Bos – huwde in 1889 met Adrianus Lekkerkerker. Hij was een achterkleinzoon van Marrigje Cornelisdochter Bosch (D5.2.6). Dirkje en Adrianus woonden eerst in Benschop en toen huurboerderij ‘t Klaverblad naast haar ouderlijk huis vrijkwam vestigden ze zich daar. En Dirkjes jongste broer Cornelis Bos had een akkerbouwbedrijf in Bodegraven, vermoedelijk in de buurt van de Wierickerschans. Hij bleef ongetrouwd en was goed bevriend met zijn eveneens ongehuwde achterneef Cornelis Beijen Jilleszoon die daar een boerderij bezat. In 1895 kochten de achterneven bij een openbare verkoping in hotel van Haaften in Bodegraven een huis aan het Jaagpad bij de Wierickerschans in Bodegraven (9). Ze betaalden ieder de helft van de koopsom en een maand later verkocht Cornelis Bos zijn deel van het huis aan Cornelis Beijen. Cornelis Bos werd 66 jaar en overleed in 1925 te Bodegraven.

Zijn vader Teunis Bos senior was op zijn boerderij Veelust aan de Noordzijde van de Oude Rijn bij Nieuwerbug in de gemeente Bodegraven overleden op woensdag 2 september 1874, hij werd 60 jaar. Zijn weduwe Grietje Snoek overleed daar zeventien jaar later op donderdag 12 november 1891, ze werd 69 jaar oud. Bij de boedelscheiding werd boerderij Veelust aan Marrigje Bos en haar echtgenoot Gijsbert de Kruijf toegewezen. Ze veranderden de naam van de hoeve in ‘de Waarborg’ en Marrigje overleed daar in 1901. Haar weduwnaar hertrouwde in 1904 met zijn buurvrouw en schoonzuster Magcheltje van Dommelen, de weduwe van Teunis Bos junior. Ze trok bij hem in op hofstede de Waarborg. Magcheltjes enige zoon Teunis Bos – die 26 was toen zijn moeder hertrouwde – was fel tegen dit huwelijk en wees het ernstig en hartgrondig af (10). De relatie liep stuk en al snel volgde een scheiding van tafel en bed. Magcheltje bleef op boerderij de Waarborg wonen en Gijsbert vertrok naar Zegveld. Daar overleed hij in maart 1912. Een maand later werd er boelhuis (11) gehouden op hofstede de Waarborg en verkochten zijn erfgenamen de boerderij.

 D7.10 Pieter Bos, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 13 september 1815 geboren aan de Lopikerweg Oost in Lopik, waar zijn ouders een akkerbouwbedrijf hadden. Hij trouwde op 28 jarige leeftijd in IJsselstein op donderdag 6 juni 1844 met zijn 29 jarige achternicht Johanna Kasteleijn. Ze werd 16 januari 1815 geboren op het familiebedrijf aan Noord IJsseldijk 43 in IJsselstein als dochter van Jan Jans Kasteleijn en Annigje Teunisdochter Bosch, die een dochter was van Teunis Teunisz Bosch (D5.2.7). Verder was Johanna een nicht van Pieters schoonzus Grietje Kasteleijn (D7.3).

Op het erf van het boerenbedrijf van Pieters ouders stonden twee vrijstaande huizen. De 66 jarige Marrige Beijen en de 71 jarige Teunis Jans Bosch woonde in één ervan en Johanna en Pieter betrokken de andere woonruimte. Ze werkten in de akkerbouw en maakten ook boter en kaas. Er werden twee meisje geboren die maar enkele weken leefden. En op vrijdag 19 april 1850 stierf Johanna Kasteleijn in het kraambed, na de geboorte van haar derde kindje. Ook deze baby leefde maar zes weken. Pieter Bos bleef alleen achter. Zijn ouders waren intussen ook overleden en zijn oudste zus Jannigje Bosch (D7.1) erfde hun boerderij.

Het jaar daarop hertrouwde Pieter Bos op 35 jarige leeftijd in Lopik op vrijdag 13 juni 1851 met zijn 23 jarige achternicht Antonia Oskam. Ze werd op 4 december 1827 geboren in Vleuten en was een dochter van Grietje Jansdochter Oskam en Jan Jillesz Oskam, die een zoon was van Annigje Jansdochter Bosch (D6.3). Antonia en Pieter woonden en werkten op de boerderij van zijn zus en kregen twee dochters en twee zoontjes. Omstreeks 1855 trok Jannigje Bosch met haar gezin in de behuizing van hun overleden ouders en werkten de twee families enkele jaren samen op het boerenbedrijf aan de Lopikerweg Oost in Lopik.

In het jaar 1861 kocht Pieter Bos een akkerbouwbedrijf in het naburige Benschop en vertrokken Antonia en hij met hun gezin daarheen. Toen ze een jaar in Benschop woonden stierven drie van hun vier kinderen. Alleen de 7 jarige Marrigje Bos leefde aan het eind van het jaar 1862 nog. Aan het begin van het jaar 1863 werd hun zoon Jan Bos geboren op de boerderij in Benschop. Het jaar daarop kwam er een meisje ter wereld die maar een maand leefde. En negen dagen nadat ze was overleden, stierf ook haar moeder Antonia Oskam op donderdag 20 oktober 1864, ze werd 46 jaar. Drie jaar daarna overleed Pieters dochtertje Marrigje Bos op 13 jarige leeftijd. Alleen zijn zoon Jan Bos werd volwassen. Hij zette het akkerbouwbedrijf in Benschop voort en trouwde in 1885 met Margaretha Kool. Deze bloedverwant in de zesde graad was een dochter van een achternicht van zijn moeder. Margaretha stamde af van Maria Florisdochter Oskam en Rijk-Gerrits Willems Verweij (D5.2.4). Jans vader Pieter Bos overleed dinsdag 7 april 1885 op zijn boerderij in Benschop, hij werd 69 jaar oud.

D7.11 Margaretha Bos, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 21 oktober 1816 geboren in Lopik. Ze overleed daar nog geen maand later op 16 november 1816.

D7.12 Magteltje Bos, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 16 oktober 1818 geboren in Lopik. Magteltje werd 3 jaar oud en overleed daar op 19 april 1822.

D7.13 Aletta Bos, dochter van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 8 oktober 1819 geboren in Lopik. Ze stierf daar twee weken later op 24 oktober 1819.

D7.14 Johannes Bos, zoon van Marrigje Beijen en Teunis Jans Bosch werd op 19 maart 1822 geboren in Lopik. Hij overleed daar vier maanden later op 8 augustus 1822.