Generatie D2

               Jan Thonisz Bosch ± 1638 – >1672 ~ Neeltje Teunisdochter de Woerden 1633 –  <1670                 Arjaentien Dirksdochter ± 1640 – <1672 ~ Merrichien Cornelisdochter ± 1642 – >1672

Gezicht vanuit Eiteren op IJsselstein. Kopergravure met bovenin het stadswapen van IJsselstein, uitgegeven in 1674 te Antwerpen door Caspar Bouttats. Tekenaar, Joannes Peeters.

Gezicht vanuit Eiteren op IJsselstein. Kopergravure met bovenin het stadswapen van IJsselstein, uitgegeven in 1674 te Antwerpen door Caspar Bouttats. Tekenaar, Joannes Peeters.

D2 Jan Thonisz Bosch werd omstreeks 1638 geboren aan de Noord IJsseldijk, in het buurtschap Eiteren van de baronie IJsselstein. Hij was een zoon van Neeltje Jaspersdochter en Anthonis Jansz Bosch (D1). Jan trouwde omtrent 1664 met Neeltje Teunisdochter de Woerden. Zij was geboren in het Nedereind van Jutphaas en werd daar op 20 januari 1633 gedoopt in de gereformeerde kerk.

Het voorgeslacht van Neeltje de Woerden uit Jutphaas

Neeltje de Woerden was een dochter van Teunis Jansz de Woerden en Annigje Gerritsdochter Oom. En Neeltjes moeder was weer een dochter van Gerrit Willemsz Oom en Maeijchgen Gijsbert Reijerszdochter van Schaijck uit het Nedereind van Jutphaas (1). Afgezien van Neeltje, kregen haar ouders nog zes kinderen namelijk: Maeijcken – moeder van Annigje Jansdochter van Rooijen (D1.1.) – Ariaantje, Stijntje, Willem, Annigje en Jannigje, de echtgenote van Cornelis Thonisz Bosch (D1.3). Neeltje was veertien jaar jonger dan haar oudste zus Maeijcken en zes jaar ouder dan haar jongste zus Jannigje. Drie dames uit de familie de Woerden waren getrouwd met mannen van de familie Bosch. Hun vaders – Teunis de Woerden en Anthonis Bosch – kenden elkaar goed want ze waren samen opgegroeid in het Nedereind van Jutphaas. Ook grootvader Jan Mattheussen de Woerden was een buurtgenoot van Jan Dircksoon Bosch (D01) geweest. Zij hadden nog meegemaakt hoe de kerk op het Kerkveld in Jutphaas in protestantse handen overging. Jan Mattheussen de Woerden werkte daar als koster en secretaris. Deze betrekking was van vader op zoon overgegaan. Zijn vader Mattheus de Woerden had dat werk al gedaan voor de reformatie, toen het nog een katholieke kerk was. Hij was gehuwd met Nelligje Claasdochter van Rooijen. Haar vader Claes Jansoon van Rooijen werd in 1547 beleend (2) met kasteel Everstein te Jutphaas (3)

 Teunis Jansz de Woerden ook genoemd Anthonis werd omstreeks 1592 geboren en volgde zijn vader en grootvader op. Naast koster van de gereformeerde kerk was hij schepen (wethouder) in het dorpsbestuur van het Nedereind van Jutphaas. Hij trad in 1648 op als zaakgelastigde van grootgrondbezitters als Adriaan van Zuijlen van Nijevelt en het Sint Jansklooster in Utrecht, om afspraken te maken over het waterbeheer (4). Want Teunis de Woerden werkte voor landheren, die landerijen verpachtten in het Nedereind van Jutphaas. Ze hadden veel belang bij een goede waterhuishouding, maar geen stem in het dorpsbestuur omdat ze er niet woonden. Daarom stelden ze een lokale autoriteit aan om hun belangen te behartigen. Deze beheerde ook de dijken, zag toe op de ontwatering van de polder en zorgde ervoor dat de boeren hun sloten open hielden.

Omstreeks 1661 overleed Teunis vrouw Annigje Gerritsdochter Oom en daarna trouwde hij nog twee maal. Hij bracht zijn laatste levensjaren door bij zijn dochter Ariaantje, in het buurtschap Eiteren van de baronie IJsselstein. Zij was weduwe en hertrouwde op 21 april 1667 met weduwnaar Daem Paulusz van Es (ook geschreven als Pauwelsz van Nes) die een boerenbedrijf in de Achtersloot had. Teunis Jansz de Woerden overleed daar om en nabij het jaar 1676, hij werd ouder dan 80 jaar. 

Jan Thonisz Bosch en Neeltje de Woerden vestigden zich aan de andere kant van de Hollandse IJssel. Ze namen de erfhoeve van zijn ouders over aan de Noord IJsseldijk, in de baronie van IJsselstein. Ze bezaten daar een boerenwoning en in de omgeving hadden ze akkerbouwland in erfpacht. Neeltje en Jan kregen twee kinderen en zijn maar vijf jaar getrouwd geweest. Neeltje Teunisdochter de Woerden overleed voor 1670. Want toen was haar weduwnaar alweer hertrouwd met Arjaentien Dirksdochter en aan het einde van dat jaar werd er weer een kindje geboren. Arjaentien stierf in het kraambed en haar baby niet veel later. Neeltje Teunisdochter de Woerden, Arjaentien Dirksdochter en haar dochtertje Neeltien Jansdochter Bosch werden begraven in het familiegraf in de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein. Jan Thonisz Bosch hertrouwde met Merrichien Cornelisdochter en in het rampjaar 1672 werd er weer een Neeltje geboren.

Stadhouder Willem III (1650 – 1702, koning van Engeland vanaf 1689) tevens baron van IJsselstein inspecteert achter de Hollandse waterlinie, aan de voet van een dijk met zijn bevelhebbers de inundatie. Op de onder water gezette landerijen drijft een platbodem met gewapende matrozen. Heel in de verte ligt een Hollands fort. Schoolplaat voor vaderlandse geschiedenis. J. Hoynck van Papendrecht, 1911.

Stadhouder Willem III (1650 – 1702, koning van Engeland vanaf 1689) tevens baron van IJsselstein inspecteert achter de Hollandse waterlinie, aan de voet van een dijk met zijn bevelhebbers de inundatie. Op de onder water gezette landerijen drijft een platbodem met gewapende matrozen. Heel in de verte ligt een Hollands fort. Schoolplaat voor vaderlandse geschiedenis. J. Hoynck van Papendrecht, 1911.

 Begin 1672 werd de welvarende Republiek der Zeven Verenigde Nederland van alle kanten aangevallen. Zo stak er bij Lobith een 100.000 man sterke Franse legermacht de Rijn over. Ter verdediging stelde stadhouder Willem III de Hollandse waterlinie in. Talrijke polders werden onder water gezet en dat leidde tot grote onrust op het platteland. Veel boeren – waaronder de familie de Vosch (B5) in Willige Langerak – verzetten zich heftig tegen het onder water zetten van hun land. Maar het werkte, de inval van de Fransen werd gestuit. Het gewest Holland – met de rijke steden Amsterdam en Den Haag – bleef vrij gebied. De Nederlandse troepen trokken zich achter de waterlinie terug. En aan de andere kant van het water – dwars door de provincie Utrecht – lag het Franse leger. De baronie IJsselstein bevond zich voor de waterlinie. Op 23 juli 1672 trok er een Franse legereenheid binnen, die de stad IJsselstein gebruikte als uitvalsbasis. En begin oktober staken de Fransen op twee plaatsen de Lekdijk door – onder Vreeswijk en bij het Klaphek in de baronie IJsselstein. De bedoeling was om het Nederlandse leger in het gewest Holland, achter de waterlinies vandaan te jagen. Erg handig waren de Fransozen echter niet geweest, het water overstroomde bijna alles wat nog niet onder water stond in het gewest Utrecht waar ze zelf gelegerd waren. Een jaar later in november 1673 vertrokken de Franse troepen uit de ondergelopen polders, om elders te gaan vechten.

In vergelijking met andere plekken had de baronie IJsselstein deze rampzalige tijd redelijk goed doorstaan. Er waren geen moordpartijen geweest en verwoestingen aangericht zoals in Woerden en Harmelen, waar Marritghen Willemsdochter en Jacob Jasperts (generatie 2) om het leven kwamen. Maar de familie Bosch bleef berooid achter. Toen de Fransen de Lekdijk doorstaken, stroomde het water met grote snelheid de Lopikerwaard binnen. De Hollandse IJssel liep vol, het water stroomde over de dijken en de landerijen aan weerszijden van de rivier kwam onder water te staan. Pas een jaar later werden de gaten in de Lekdijk gerepareerd. Al met al stond het gebied twee jaar lang onder water en het zou nog tientallen jaren duren voor de familie Bosch deze catastrofe te boven kwam. Jan Thonisz Bosch zou dat niet meer meemaken.

Afstammelingen van Neeltje Teunisdochter de Woerden en Jan Thonisz Bosch in het grasveld voor het oudste gedeelte van de voormalige boerderij aan Noord IJsseldijk 41 in IJsselstein. De foto is in de jaren 50 van de vorige eeuw genomen, ongeveer 20 jaar voor de sloop. Omstreeks 1832 bestond deze hofstede uit twee vlak naast elkaar gelegen panden, die door een tussengang met elkaar verbonden waren. Het noordelijke deel van deze dubbele bouw, was de erfhoeve die in 17e eeuw werd gebouwd. Toen woonde het gezin van Jan Thonisz Bosch daar en daarvoor verbleven zijn ouders en waarschijnlijk ook zijn grootouders er. In de tijd dat de kinderen op de foto er woonden deed het dienst als kaasmakerij, aardappelopslag en stal voor varkens, paarden en jong rundvee. Ze noemde het ‘bakhuis’ en ‘zomerhuis’, want ’s zomers werd het voorhuis gebruikt als woonkeuken. Maar in de winter was het daar te koud en verbleven ze in de keuken van het nieuwere deel (2).

Nakomelingen van Neeltje Teunisdochter de Woerden en Jan Thonisz Bosch in het grasveld voor het oudste gedeelte van de voormalige boerderij aan Noord IJsseldijk 41 in IJsselstein. De foto is in de jaren 50 van de vorige eeuw genomen, ongeveer twintig jaar voor de sloop. Omstreeks 1832 bestond deze hofstede uit twee vlak naast elkaar gelegen panden, die door een tussengang met elkaar verbonden waren. Het noordelijke deel van deze dubbele bouw, was de erfhoeve die in 17e eeuw werd gebouwd. Toen woonde het gezin van Jan Thonisz Bosch daar en daarvoor verbleven zijn ouders en waarschijnlijk ook zijn grootouders er. In de tijd dat de kinderen op de foto er woonden deed het dienst als kaasmakerij, aardappelopslag en stal voor varkens, paarden en jong rundvee. Ze noemde het ‘bakhuis’ en ‘zomerhuis’, want ’s zomers werd het voorhuis gebruikt als woonkeuken. Maar in de winter was het daar te koud en verbleven ze in de keuken van het nieuwere deel (5).

Wanneer Jan Thonisz Bosch en zijn derde vrouw Merrichien Cornelisdochter overleden op de erfhoeve aan Noord IJsseldijk 41, is niet bekend. Zij werd de ‘weduwe Bosch’ genoemd, dus Jan stierf als eerste en beide werden begraven in het familiegraf in de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein.  

Kinderen van Jan Thonisz Bosch:

D2.1 Teunis Jans Bosch ook genoemd Thonis, zoon van Neeltje Teunisdochter de Woerden en Jan Thonisz Bosch werd geboren op de erfhoeve aan Noord IJsseldijk 41, in het buurtschap Eiteren van de baronie IJsselstein en gedoopt in de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein op 19 maart 1665. Hij werd vernoemd naar zijn grootvaders Teunis Jansz de Woerden en Thonis Jansz Bosch. Zijn grootmoeder Neeltje Jaspersdochter (D1) trad op als doopgetuige, samen met haar zwager Jan Claesz Pousman. Hij was gehuwd met Dirkje Jaspersdochter en ze woonden in Gouda (6). Teunis Jans Bosch trouwde op 20 jarige leeftijd met Marretje Cornelisdochter Kemp, een ongeveer 30 jarige weduwe. Zie verder D3

D2.2 Jan Jans Bosch, zoon van Neeltje Teunisdochter de Woerden en Jan Thonisz Bosch werd geboren op de erfhoeve aan Noord IJsseldijk 41, in het buurtschap Eiteren van de baronie IJsselstein en gedoopt in de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein op 25 mei 1667. Er was in die tijd geen taboe meer op het vernoemen van levende personen, dus Jan werd naar zijn vader genoemd. Hij heeft zijn moeder niet gekend, die overleed toen hij 2 jaar was. Zijn vader hertrouwde twee maal. Op 4 jarige leeftijd kreeg Jan, Merrichien Cornelisdochter als stiefmoeder. Nog geen jaar later – toen zijn halfzus Cornelia net geboren was – liep hun bouwland en het huis waar ze woonden onder water. Het land stond twee jaar blank, het was geruïneerd en bracht jarenlang niets op. De familie verarmde en daarom konden er voor Jan en zijn halfzus geen geschikte huwelijkspartners gevonden worden. Zij volgden hun ouders op en kregen de erfhoeve in bezit.

Op 24 februari 1739 – toen Jan 71 jaar was – verkochten Cornelia en hij het huis aan de Noord IJsseldijk, met bergen voor graanopslag, schuren en een halve morgen land (7). Ze deden het over aan Teunis Jans Bosch (D5.2) een kleinzoon van hun oudste broer. Volgens de verkoopakte was de grond naast hen aan de zuidzijde van de katholieke ambachtsman Willem Frederiksz van Spanje. En de erfgenamen van Teunis Rijckszoon Both waren eigenaar van het land aan de noordzijde (8).

Jan Jans Bosch bereikte de leeftijd der zeer sterken en werd Jan den Ouden genoemd. Hij overleed op 86 jarige leeftijd op de erfhoeve aan Noord IJsseldijk 41 en werd bijgezet in een familiegraf op 7 november 1753. Tijdens zijn begrafenis luidden alle klokken van de Oude Sint Nicolaaskerk in IJsselstein een uur.

D2.3 Neeltien Jansdochter Bosch, dochter van Arjaentien Dirksdochter en Jan Thonisz Bosch werd geboren op de erfhoeve aan Noord IJsseldijk 41, in het buurtschap Eiteren van de baronie IJsselstein en gedoopt in de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein op 6 november 1670. Haar moeder stierf in het kraambed en Neeltien overleed voor het jaar 1672.  

D2.4 Cornelia Jansdochter Bosch met de roepnaam Neeltje, dochter van Merrichien Cornelisdochter en Jan Thonisz Bosch werd geboren op de erfhoeve aan Noord IJsseldijk 41, in het buurtschap Eiteren van de baronie IJsselstein en gedoopt in de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein op 5 april 1672. Ze werd vernoemd naar haar grootmoeder Neeltje Jaspersdochter (D1). Toen Neeltje werd geboren was het land in oorlog en een half jaar later werd het bouwland van haar vader onder water gezet door de vijand. Omdat die grond jarenlang niet gebruikt kon worden, verarmden ze. Daarom trouwde Neeltje niet. Zij bleef samen met haar halfbroer Jan (D2.2) in het ouderlijk huis wonen en ze erfden dat. Toen Neeltje 67 jaar was verkochten ze het huis en de grond aan een kleinzoon van hun oudste broer, die toen al niet meer leefde. Vijf jaar later overleed Cornelia Jansdochter Bosch daar op 71 jarige leeftijd. Ze werd op 11 februari 1744 bijgezet in het familiegraf in het koor van de Oude Sint Nicolaaskerk te IJsselstein, waar ook haar ouders waren begraven.